Homepagina > Ingrediënten > Vruchten > Fruit > Mope, mombinpruim [Spondias spp]

Mope, mombinpruim [Spondias spp]

zondag 26 februari 2012, door wim

Spondias mombin) of Spondias lutea, de gele mombinpruim en familielid Spondias purpurea, de paarse mombinpruim zijn planten uit de pruikenboomfamilie (Anacardiaceae). Het zijn 20 tot 30 m hoge bomen, die in droge tijden hun bladeren verliezen. De stam ervan wordt tot 75 cm dik en heeft een diepe gegroefde schors.

De vruchten zijn goudgele of rode tot paarse ovale steenvruchten die in hangende trossen van een halve meter lang groeien en tot 4 cm groot worden. Hun schil is dun, stevig, glad en glanzend. Het vruchtvlees is volrijp zeer sappig, glazig oranje, tot 5 mm dik en heeft een aangename zoetzure smaak die een beetje aan pruimen doet denken. Ze hebben een eivormige pit die bleekwit, houtachtig en gerimpeld is.

Het oorspronkelijke verspreidingsgebied van de gele mombinpruim ligt in het Caribisch gebied en Mexico, Peru, Brazilië, Venezuela, Guyana, Suriname en Frans-Guyana. De plant wordt ook al heel lang aangeplant in Afrika en Zuidoost-Azië (Indië, Indonesië en Maleisië). In Thailand staat deze vrucht bv. bekend als "makok" (Thai: มะกอก). En in Afrika is deze boom al zo lang aanwezig dat hij er leverancier is van allerlei toepassingen in de volksgeneeskunde.

Gele mombinpruim {JPEG}

De vruchten kunnen zo, rauw gegeten worden, of met suiker worden ingekookt tot jam. Er wordt ook sap van geperst, waarvan frisdranken worden gemaakt. In Venezuela en Guatemala wordt er zelfs cider van gemaakt en in Brazilië wordt er een soort fruitwijn ("Vinho de Taperiba") van gemaakt. In Mexico worden onrijpe gele mombinpruimen met zout en chilipepers ingelegd om als kruiderij in de keuken te gebruiken. Ook de kernen van de pitten zijn eetbaar en zelfs de jonge bladeren kunnen als een bitterzure groente gegeten worden.

Paarse mombinpruim {JPEG}

Een bladaftreksel wordt gebruikt tegen ontstekingen, buikpijn en diarree.

In Nederland zou een variant van het merk "Appelsientje" op de markt zijn waar de vruchten in verwerkt zitten onder de naam caja, wat een afgeleide is van de Portugese naam in Brazilië voor deze vruchten: cajá.

Je gaat ze makkelijker in Nederland vinden dan in België. Dat vooral door de grote Surinaamse gemeenschap in Nederland die deze vrucht weten te appreciëren.

Dit artikel beantwoorden