Homepagina > Ingrediënten > Groenten > Bladgroenten > Wilde peper [Piper sarmentosum]

Wilde peper [Piper sarmentosum]

donderdag 29 september 2011, door wim

Deze verwant van zwarte peper heeft vruchtjes met een zacht bittere vaag peperachtige smaak die als specerij gebruikt worden in sommige delen van Azië. Van deze plant worden echter meer de bladeren gegeten als groente.

Hij wordt ook wel "wilde betel" (P. Betle) genoemd in het westen omdat de bladeren er op lijken, maar heeft niks gemeen met de sterke smaak van de betel noot of de bladeren.

Hij wordt "cha plu" (ช้าพลู) genoemd in Thailand, "phak i leut" of "pak eelerd" in Laos en "pokok kadok" in Maleisië. In Viëtnam wordt hij "lá lốt" genoemd, maar die naam gebruikt men ook voor de lokale P. sarmentosum.

De bladeren zijn klein en donkergroen. Net als P. Longum, of staartpeper komen er kleine vrij kleurloze zaadkolfjes aan.

Deze plant heeft een stevige reputatie als medicinaal kruid. Zeker is dat hij veel naringenine, een isoflavone anti-oxidant, bevat. En deze stof heeft een ontsmettende werking. Het is echter ook een planten hormoon en we weten ondertussen dat we niet zomaar moeten aannemen dat planten hormonen geen uitwerking hebben op dieren of mensen.

Naringenine komt ook voor in pompelmoes en er is van bekend dat het zowel een versterkende als een verzwakkende werking kan hebben op geneesmiddelen. En dan vooral op bloedverdunners. Dit komt doordat het de werking van CYP1A2, een menselijk enzym waarvan de volledige werking nog niet ontrafeld is, verstoort. Nochtans heeft deze stof ook beloften voor de behandeling van Hepatitis C en Tuberculose.

JPEG

Jonge bladeren worden meestal rauw in slaatjes verwerkt en soms net als spinazie bereid. In sommige streken worden oudere, hardere bladen gedroogd en er wordt thee van gezet.

In Thailand wordt een lokale snack (miang kham) die op straat verkocht wordt, in bladeren van deze plant verpakt.

1 Bericht

Dit artikel beantwoorden